Vragen aan logopedie. Interview met Logopedist Karin Beck

Mijn naam is Karin Beck, ik ben allround logopediste en heb een logopediepraktijk in Emmen; Logopediepraktijk Rietlanden. Binnen de praktijk behandel ik cliënten van alle leeftijden en met een diversiteit aan stoornissen. Logopedische behandeling bij kinderen met een schisis komt ook voor binnen mijn praktijk. 



  1. Wordt er tijdens de opleiding tot logopedist aandacht aan schisis besteed en zo ja, aan welke aspecten?
    Tijdens de opleiding wordt aandacht besteed aan diverse aspecten omtrent een schisis. Er wordt o.a. informatie gegeven over het ontstaan van een schisis, de verschillende vormen ervan en de gevolgen hiervan voor het kind. Ook wordt een opzet voor logopedische behandeling besproken.


  2. Hoe vaak komt een logopedist gemiddeld in aanraking met schisis?
    Binnen de vrije vestiging komt de behandeling van kinderen met een schisis niet vaak voor. In mijn praktijk heb ik de afgelopen vijf jaar vier kinderen behandeld met een vorm van schisis. De prevalentie is afhankelijk van de regio, werksetting van de logopedist en zijn/haar specialisaties.


  3. Met welke problemen komen kinderen en/ of volwassen met schisis bij de logopedie? En wat zijn dan de behandeldoelen?
    Kinderen met een schisis hebben regelmatig articulatieproblemen. Een voorbeeld hiervan is nasaliteit, er is dan te veel of juist te weinig doorstroom van lucht in de neus tijdens het spreken. Hiernaast wordt het vormen van bepaalde klanken bemoeilijkt door de afwijkende vorm van kaak, lip en/of gehemelte. Kinderen gaan compensatiegedrag vertonen om zichzelf te kunnen uitdrukken, waardoor klanken afwijkend klinken of worden vervangen door andere klanken. Ook kan het voorkomen dat kinderen met een schisis onvoldoende horen, waardoor de spraak en/of taal onvoldoende of afwijkend verworven wordt.

    Een ander veelvoorkomend probleem bij kinderen met een schisis is afwijkend mondgedrag. Hieronder valt o.a. open mondgedrag in combinatie met mondademen, interdentaliteit (de tong komt naar voren bij het spreken) of een afwijkend slikpatroon. Dit kan resulteren in slikproblemen of verslikken. Door de afwijkende vorm van kaak, lip en/of gehemelte is de tongplaatsing in de mond anders dan bij kinderen zonder een schisis.

    De behandeldoelen zijn afhankelijk van de specifieke problemen van het kind, maar over het algemeen zijn de hoofddoelen het verbeteren van de verstaanbaarheid en het verbeteren van de functies van het mondgebied. De logopedist zoekt met het kind en ouder(s) naar manieren waarop bepaalde klanken toch gemaakt kunnen worden, hetzij met een ietwat afwijkende articulatiepositie vergeleken met iemand zonder schisis. De klanken worden vervolgens als het ware ‘gedrild’. Dit betekent dat productie hiervan met hoge frequentie wordt herhaald. Eerst op klankniveau, daarna op woord- en zinsniveau. De nieuwe articulatorische beweging wordt ingeslepen en eigen gemaakt. Hiernaast wordt aandacht besteed aan het luisteren naar klanken; het is belangrijk dat het kind doorheeft dat hij/zij bepaalde klanken anders zegt, anders wordt het toepassen van het geleerde tijdens het spontane spreken bemoeilijkt. Indien er ook taalproblemen zijn wordt er gewerkt aan bijvoorbeeld het verbeteren van het taalbegrip, het uitbreiden van de woordenschat en/of het verbeteren van de zinsbouw.

    Het afwijkend mondgedrag wordt omgezet in adequaat mondgedrag door een juiste tongpositie in rust, tijdens spreken en tijdens slikken aan te leren. De lip- en tongkracht worden versterkt door motorische oefeningen en liplsuiting en neusademing worden aangeleerd. Allemaal toegespitst op de mogelijkheden van het kind, gezien zijn/haar schisis.

    In de praktijk zien we hoofdzakelijk kinderen met een schisis, problematiek bij volwassenen is vaak op jongere leeftijd verholpen. In enkele gevallen ontstaan er op latere leeftijd slikproblemen, waarvoor slikadviezen kunnen worden gegeven.


  4. Is de behandelduur bij een cliënt met schisis bij voorbaat langer dan bij een cliënt zonder schisis? Zo ja, kun je uitleggen waar dit door komt?
    Dit is niet bij voorbaat het geval, maar afhankelijk van de cliënt als individu, de vorm van de schisis en de ernst van de logopedische problemen. De ene cliënt heeft bijvoorbeeld alleen een nasaliteitsprobleem, de ander heeft hier ook afwijkend mondgedrag of overige articulatieproblemen bij.


  5. Komt het vaak voor dat tijdens de behandeling van een cliënt met schisis meer aan de hand blijkt te zijn dan in de eerste instantie leek waardoor er op meer dan één behandeldoel gericht dient te worden?
    Doordat een kind groeit, ontwikkelen het gebit en de vorm van kaak, lip en gehemelte zich . Hierdoor kan het zijn dat er tijdens de logopedische behandeling andere problemen ontstaan dan bij aanvang zichtbaar waren. Andersom kan het ook zo zijn dat door groei, problemen zich vanzelf oplossen. Hiernaast is het mogelijk dat compensatiegedrag van het kind niet bij aanvang zichtbaar is, maar dat hij/zij dit pas later openbaart. Ook hebben operatieve ingrepen mogelijk invloed op de behandeling.


  6. Komt het voor dat de logopedist op eigen verzoek een overleg aanvraagt met het schisisteam omdat de behandeling niet het gewenste resultaat oplevert?
    Dit komt zeker voor. De logopedist heeft contacten bij het schisisteam waar de cliënt onder behandeling is. Wanneer een behandeling onvoldoende resultaat oplevert kan het schisisteam meedenken en eventueel meekijken om de behandeling beter te laten aansluiten.


  7. Gebeurt het wel eens dat een eerder geplande operatie niet nodig blijkt te zijn door een goed resultaat van de behandeling bij logopedie?
    Dit heb ik éénmaal meegemaakt. De desbetreffende cliënt heeft een submuceuze spleet. Dit is een spleet in de spieren van het gehemelte, terwijl het slijmvlies gesloten is. Hierdoor was er sprake van hypernasaliteit tijdens het spontane spreken. Er ontsnapte te veel lucht door de neus. De nasaliteit was na oefening echter vrijwel geheel verdwenen. De cliënt heeft geleerd om oraal (door de mond) te spreken en een operatieve ingreep was niet meer nodig.


  8. Hoe was jouw eerste ervaring met een cliënt met schisis?
    De eerste keer dat ik een cliënt met een schisis heb behandeld vond ik bijzonder. De desbetreffende cliënt was zich goed bewust van het feit dat hij er ‘anders’ uitzag dan andere kinderen en had hierdoor faalangst ontwikkeld. Het moment dat hij doorhad dat bepaalde bewegingen met de tong wel gemaakt konden worden of dat bepaalde klanken wel gezegd konden worden, was ontroerend. De cliënt was heel blij, je zag zijn gezicht stralen. Succeservaring voelt erg fijn. Dit gaf goede motivatie om verder te gaan.


  9. Wat vind jij het meest ingewikkelde aan de behandeling van een cliënt met schisis?
    Het meest ingewikkelde is tegelijk ook het meest interessante en uitdagende. Doordat elke cliënt een unieke schisis en unieke problemen heeft is iedere behandeling een puzzel. Samen met de cliënt en ouder(s) zoek je binnen de mogelijkheden van het kind naar opties om de verstaanbaarheid te verbeteren. Wanneer er een werkende manier gevonden is levert dit een positief gevoel op voor zowel het kind en zijn/haar ouder als voor mij. Het is heel fijn om te zien dat een kind opbloeit doordat hij/zij beter verstaanbaar is en zich kan uiten.


  10. Is er een standaard protocol voor de behandeling van kindjes met schisis binnen Nederland die alle logopediste als leidraad behoren te gebruiken?
    Ja, er bestaan twee documenten die ik hanteer:
    • De logopedische behandeling van kinderen met een schisis. Brochure voor logopedisten. Geschreven door het schisisteam van het VUMC.
    • Richtlijn behandeling van patiënten met een schisis.

 

  1. Heb je een leuke, grappig of misschien ontroerende ervaring met een cliënt die je wil delen?
    De meest ontroerende ervaring was het moment waarop een meisje met hypernasaliteit, haar eigen naam oraal kon uitspreken. Het was voor haar erg moeilijk om de lucht door haar mond te sturen bij bepaalde klanken. Toen dit de eerste keer lukte bij het uitspreken van haar naam was ze zo ontzettend blij. De rest van de behandeling heeft ze regelmatig haar eigen naam gezegd.
Logopediepraktijk Rietlanden

1 reactie

Laat een reactie achter

Je email adres wordt niet gepubliceerd.Gemarkeerde velden zijn verplicht *

*

%d bloggers liken dit: